maandag 1 februari 2010

Gesmolten E.T.

'Dat wijf lijkt net op een gesmolten E.T.!' 

Je zou maar op een bruin hoopje gesmolten poep lijken met 2 ogen, een mond die op je rug zit en één magische vinger die er bovenuit steekt..
Dat lijkt me nou niet bepaald handig.
Hoe beweeg je je voort?
Mogelijke oplossing: in een mini-scootmobiel, en met je vinger bestuur je het voertuig, hopend dat er geen kwaadaardige mensen zijn die je gevaarte in willen pikken door gewoonweg op je te gaan zitten.
Hoe doe je boodschappen?
Mogelijke oplossing: bestel ze via internet. Met je magische vinger kun je wel met een computer overweg.
Hoe doe je je behoeften?
Mogelijke oplossing: die hoef je niet te doen. Hoe kan een gesmolten E.T. nou schijten?
Hoe eet je?
Mogelijke oplossing: je stuwt het eten gewoon tussen je hangende, gesmolten lichaam. Als je maar hard genoeg duwt met die magische vinger van je, dan komt het vanzelf binnen.
Hoe drink je?
Mogelijke oplossing: je gaat er gewoon in liggen. Je gesmolten
gestalte neemt het vanzelf wel op, net als wortels van een boom het water in de grond op nemen.
Hoe kom je aan een levenspartner?
Mogelijke oplossing: is er niet. Je hebt gewoon pech. 'Tree man' (de man die eruit ziet alsof zijn moeder seks heeft gehad met een boom) heeft ook geen vrouw en die ziet er nog beter uit dan jij.

Wat moet diegene een gecompliceerd leven hebben..
TENZIJ: je je vrienden en familie van buiten de aarde op roept ('E.T. phone hoooooome..'om je een nieuw lichaam te geven. Aliëns kunnen toch alles.

vreemde trekkerfan

'Ik heb iemand in de buurt en daar de zus van, die lijkt op een broer, en die is helemaal gek van trekkers.'
Hoe zou die trekkerfan er uitzien?

woensdag 27 januari 2010

Knaap is 2,50?

Zaterdag- op zondagnacht, lichtelijk(sarcasme, sarcasme!) onder invloed.
Hoe we op het onderwerp kwamen, ik weet het niet.
S. denkt terug aan de tijden die nog niet overgenomen waren door onze beste vriend, de Euro.

'Vroeger had je toch 2,50 en dat heette toch een knaap?'
- 'Nee.'
'Ooooh nee! KNAKEN!
Je bent een fijne knaak, je doet je moeder veel deugd.'

Wekterurtem

'Ik probeer te slapen zetjeu de wekker af wekterurtem'

rara, wat heeft die uitgespookt?

Tribute: Martin Bril

De meest droge column die ik ooit heb gelezen is 'Chips', van Martin Bril.
Oké, dit hoort niet bij het idee van Exceptional Pronouncements, maar toch wil ik het even delen.
Gewoon om een eerbetoon te doen aan meneer Bril.




                                                                         Chips.

In de trein zat ik naast een man met een zak chips. Eigenlijk moet ik zeggen: naast mij zat een zak chips met een man. Zo groot was de zak en zo klein de man, die zich duidelijk had voorgenomen de hele zak leeg te eten. Dat wist ik op het moment dat hij de zak opende – dat ging met een geweld waar de honden geen brood van lusten. Prompt dacht ik aan mijn eigen hond, een beest waar geen kwaad in zit. Was ik maar thuis met de hond aan mijn voeten. Maar nee, ik was op reis.


Het eerste dat mij duidelijk werd nadat de zak was geopend, was dat het hier een zak chips met uiensmaak betrof. De lucht was zo overweldigend dat ik wanhopig om me heen keek of er geen andere zitplaats in het compartiment was, maar helaas: ik zat in een volle trein. Het is een aardig idee, openbaar vervoer, maar er maken te veel mensen gebruik van. Lekker sporen in een lege trein heeft charmes, maar kom daar maar eens om. De Nederlandse treinen zitten altijd stampvol. Maar goed, daar gaat het nier niet om. Het gaat hier om een zak chips en een man.

Ondanks zijn honger ontging het de man niet dat ik met een draaiend hoofd en dichtgeknepen neus naast hem zat. Hij keek verbaasd opzij. Een verband met de geopende zak op zijn schoot zag hij niet, en mij een handvol aanbieden kwam gelukkig niet in hem op. Nou ja, zag ik hem denken, een halvegare. En toen begon het eten. Ik weet niet of u wel eens in een volle trein naast een chipsetende volwassen man van een jaar of 40 heeft gezeten, maar ik kan u verzekeren dat het geen pretje is. De hel, dat zijn de anderen, bedacht ooit Jean-Paul Sartre, en daar is geen speld tussen te krijgen. Het was niet zo dat mijn buurman af en toe een krokant gebakken aardappelschijfje uit de zak pakte en dat dan liefdevol in zijn mond stak om het rustig kauwend te verorberen, nee, hij knalde zijn vuist de zak in, draaide er woest in rond tot hij voldoende chips te pakken had en propte dan genoemde hoeveelheid in zijn mond, die nog bezig was met de vorige lading. Ik vroeg mij af of de chipsindustrie bewust krakende zakken gebruikte; zou die herrie de begeerte aanwakkeren? Het moet wel, want ik heb nog nooit chips in een geluidloze plastic zak gezien, terwijl het toch moet kunnen. Je zit dan natuurlijk nog steeds met het lawaai van de chips zelf, maar, je kunt niet alles hebben. Hoewel, waarom niet? Waarom zijn er eigenlijk chips? Het leven is best draaglijk zónder chips! En zeker voor een volwassen man.

Mijn buurman dacht daar anders over. Hij bleef maar eten. Het leek de wonderbaarlijke visvangst wel, zo ontzettend veel chips kwamen er uit zijn gezinszak. Er kwam geen einde aan. Moest ik er iets van zeggen? Ik zag om mij heen medereizigers verontwaardigd onze kant op kijken. Ook zij hadden last van de knerpende, krakende zak en het angstaanjagende gesmak. Straks gingen ze nog denken dat ik bij de chipseter hoorde. Ik sloeg snel een krant open, lekker breed, zodat mijn buurman er goed veel last van had. Helaas was hij van het slag dat meteen voor de eigen rechten opkomt. ‘Pardon’, zei hij met volle mond, ‘uw krant...’ En ik vouwde het kreng op tot leesbare proporties. Buiten gleden weilanden voorbij. Aan de horizon lagen kleine dorpen. Het was donker aan het worden. Ik dacht aan mijn reisdoel en aan mijn moeder, die chips en pinda’s nog op schaaltjes serveerde en de zakken met wasknijpers afsloot en verstopte in de meterkast. Zou zij op dit moment, het tijdstip was ernaar, met een zak wokkels op schoot op de bank zitten en van haar sherry nippen?

Naast mij was de zak leeg. De man propte hem in het prullenbakje en begon toen aan de gebitsreiniging. Hierbij kwamen angstaanjagende geluiden vrij. Ik overwoog hem de schedel in te slaan, maar zag ervan af. Al die moeite.


zondag 17 januari 2010

Het 'heen en weer'

'Ik hoestte me het heen en weer!'
'Krijg toch het heen en weer!'

Waar komt dat toch vandaan, dat 'heen en weer'?
Hoe kan iemand zich het heen en weer hoesten?
Als iemand je het heen en weer toe wenst, is dat niet best.
Mijn visualisatie: zó hard hoesten dat je heel snel heen en weer gaat bewegen.
Is het een bijverschijnsel van hoesten?
Ik denk dat ik maar eens aan de dokter ga vragen hoe dat zit..

zondag 10 januari 2010

Het leed dat familie over de vloer met kerstdagen heet.

Kerst.
De kerstdagen zijn twee speciale dagen op onze kalender, waarop men vaak iets gaat doen wat men elk jaar doet. Een beetje hypocriet, niet? Iets 'leuks doen' met familie. En onder dat 'leuks doen' verstaat men meestal het werkwoord eten. Mensen, waar is de inspiratie? Er staan boekjes en websites vol met ideeën die je kunt doen als je een dag 'iets leuks' wil gaan doen, maar mijn theorie is dat mijn familie denkt dat het traditie is om met kerst gewoon lekker standaard te gaan eten met z'n allen. Opgedost en al. En dat noemen ze dan 'iets leuks doen'?
Elk jaar kijk ik er weer niet naar uit.
Patrick ook niet.
Hij wist al precies hoe het er bij hem thuis aan toe zou gaan:
"Patrick, trek jij even nette kleren aan, er is visite!"
'Komen ze binnen, knallen ze de deuren open, gooien hun jassen neer, gaan gelijk gebruik maken van het toilet, pakken meteen de lekkerste plekjes in de kamer..kan ik weer op een houten kruk gaan zitten!
Bij de deur naar de keuken uiteraard, want dan kan ik elke keer drinken pakken voor iedereen.
"Ooooooh wat ben je toch groot geworden, mag ik een cola?"

Zitten we hier straks met 12 man, en dan mag IK al die rotzooi weer op gaan ruimen.
Heb ik zo’n hekel aan!
Ben ik alles aan het opruimen, ik ruim de tafel af en doe nog allemaal nuttige dingen en dan roept de hele familie: "Ahh, doet hij alles alleen?!"
Als je nou gewoon met je luie reet OPSTAAT, kun je meehelpen!

Even later meldde hij een paar interessante uitspraken die vanuit zijn familie afkomstig was:
'Wat zit er voor gras op die ham?' Het gerecht: bonen met beenham. Met gras? Natuurlijk niet.
'Zonde van de kippenpootjes!'
- 'Hoezo? Die kippen lopen niet meer weg hoor!'

O, wat zal het gezellig zijn daar!
Arme Patrick.

Bij mij thuis was het ook heel erg amusant, de meest oninteressante uitspraken vlogen mijn oren in.
Zeven minuten lang praten ze over rookmelders. Hoe krijgen ze het voor elkaar? Hoe komen ze op dat onderwerp? Respect, respect.

Mijn opa heeft een nieuwe tv. Ook dat onderwerp komt wel een stuk of acht keer terug tijdens het eten, het was hét onderwerp van de eerste kerstdag.
'.. en dan denk ik: stel dat ik nu mijn oude tv terug had. Dan denk ik echt TSJOEMM wat een klein beeld!'
'Die hoek waar de tv nu staat lijkt veel groter. Dat komt door de zwarte rand van de tv.'
Zoek het verband tussen de grootte van een hoek en een zwarte rand van een tv. Ik kan het niet vinden.

Mijn vaders kant van de familie houdt nogal veel van dieren. Als ze op visite komen, is het Sparky (ik heb de naam van ons kleine keffertje niet bedacht) voor en Sparky na.
Als mijn opa en zijn vriendin bij ons op de bank zitten, heeft er altijd één van hen de hond in hun armen. Dit keer was het de vriendin van mijn opa. Met een tedere blik in zijn ogen, keek mijn opa naar Sparky.
'Zo'n lekker diertje dit, hè. Zo'n lief snoetje! Jaaaaaa... braaf beesie! Braaf beesie!' En hij geeft haar liefdevol een kus op haar kop, waar ook maar nét ruimte genoeg is voor zijn gerimpelde lippen op de zachte hoofdhaartjes. Even later komt mijn vader aangelopen met z'n camera en kraamt uit: 'Ik heb een foto van Sparky gemaakt, en ingezoomd op neus is het net een uilenkop!' Ik voelde me op dat moment nogal volwassen. Mijn tante, ook aanwezig, had een botje meegenomen. Op het gegeven moment gaat ze op de grond liggen, kijkt onder het kastje waar de mand van de hond staat en vraagt zichzelf hardop af: 'Waar is dat botje nou gebleven? Heeft ze 'm al op?' En daarna vraagt ze aan iedereen of hij/zij weet of de hond het botje al op heeft. Ja, ze maakt zich écht druk over een botje.

Mijn opa kijkt naar onze elektrische dichte haard en roept mijn vader: 'Rob, rob! Er moet extra hout op de kachel, het is bijna op!' Hij is natuurlijk opgegroeid met kolenkacheltjes.

Toen ze de deur uit gingen, kon ik ein-de-lijk hardop lachen.
Op naar de volgende kerstdagen!